Technologische ontwikkelingen

In het kader van ‘Ervaar Waldeck’ hebben wij experts gesproken met specifieke kennis over sociale aspecten, de fysieke ruimte of technologische aspecten. Hieronder een kleine samenvatting van huidige technologische ontwikkelingen.

Er kan technologisch al heel veel, maar de ambities van de markt zijn minder hoog dan gehoopt. De techniek kan dus moeilijk haar weg vinden. ‘Wij zijn erachter gekomen dat de mark minder snel is dan je zou willen, dan we hadden gehoopt.’ Zegt Jan van de Ven, oprichter Luminext.
Herman Spekman van Ziut constateert hetzelfde. ‘Het leeft in ideeën en gesprekken maar het is er nog niet. Het merendeel van afgelopen 10 jaar zijn allemaal proefjes die zijn uitgevoerd. Dat zijn geen aantallen, dat maakt geen vaart. Zolang er geen goed beleid op komt, komen er ook niet de financiële middelen om grote stappen te maken.’
Bram Terpstra, regiomanager bij De Zijlen, ziet andere problemen: ‘Techniek staat snel los van het doel dat je eigenlijk voor ogen had en wordt een doel op zich.’

Jan van de Ven: ‘een stad is heel erg divers. Iedere wijk heeft zijn eigen uitdagingen en zijn eigen complexiteit. En dat maakt het lastig want elke technologie heeft schaal nodig om rendabel te zijn als een standaard oplossing.’ Herman Spekman benoemt ook dat ‘je kan massa bereiken als je standaardiseert en het is zeer belangrijk om massa te bereiken.’ Hij ziet hier wel mogelijkheden in ontstaan. ‘We hebben het voordeel van de tijd. Alles wat vandaag kan, kon 30 jaar geleden ook al maar het was 1000 keer zo duur. Daar zitten mogelijkheden, dus ook in wat er in de openbare ruimte straks kan.’

‘Er is een verschil in digitaal vaardig en digitaal aardig.’ Zegt Jan Brinkers, beleidsadviseur bij KBO-PCOB. ‘Bij digitaal aardig weet je het niet, maar je gebruikt wel technologie. Als je de techniek zo kan maken dat je het gebruikt zonder dat je het weet is een geweldige goeie techniek.’ Jan van de Ven gelooft niet ‘in dat soort surveillance dingen. Dat is de killer voor de applicaties.’ Herman Spekman zegt daarentegen dat ‘uiteindelijk alles onzichtbaar wordt in de openbare ruimte. Het wordt een constante dus dat neem je niet meer op.’

Jan Brinkers denk dat met de komst van technieken de openbare ruimte steeds belangrijker wordt omdat er altijd behoefte zal zijn aan fysiek contact. ‘Ik weet dat veel ouderen geïnteresseerd zijn in de buitenruimte wegens de natuur, de vogeltjes die er zijn, de bomen, de planten. En dat die ouderen zich best wel druk maken dat het verandert of verdwijnt.’